Articles / Reviews

Adrian Borland zaterdag in het Patronaat (Haarlems Dagblad 22-4-1992)

date: Apr 22, 1992


 

Adrian Borland zaterdag in Patronaat 

Terug bij energie en rauwheid 

„Ik ben niet zo'n fish 'n' chips en bier nationalist, maar ik geef wel om Engeland. Zeker wat er in politiek opzicht gebeurt gaat me aan het hart," zegt Adrian Borland. „Maar ik ben zoveel op het Europese vasteland geweest, dat ik mij meer Europees dan Brits voel."
 

Datum: Zaterdag 25 april 1992, Patronaat. Haarlem. 

Adrian Borland: „Het klinkt misschien pessimistisch maar Brittle Heaven is het resultaat van het optimisme van Alexandria." Adrian Borland heeft een nieuwe plaat gemaakt. In de Haarlemse Bananasstudio en met een aantal Haarlemse muzikanten. Brittle Heaven. In het kader van z'n huidige toumee, staat hij komende zaterdag in het Patronaat. Hier is hij nog altijd populairder dan waar ook ter wereld. Maar dat was destijds al het geval, toen zijn rockband nog The Sound heette en het helemaal leek te gaan maken. In 1981, na verschijnen van het debuutalbum Jeopardy, kon het succes van de groep zich aan deze kant van de Noordzee meten met dat van U2. De band rond Bono en The Edge werd echter wereldberoemd, terwijl The Sound zich in de loop der jaren steeds meer aan het clubje trouwe Hollandse fans moest vastklampen. U2 had de zakelijke kant van de rockmuziek gewoon beter door dan wij," zei Borland daar enkele jaren geleden al over. En tegen een journalist van het Britse blad Melody Maker:, ,Wij waren een beetje te eerIijk." Net als U2, vertegenwoordigde The Sound in de beginjaren een 'wij' gevoel. Songs als (Who the hell wants those) Missiles en Winning": vertolkten wat een tegen kruisraketten en kerncentrales demonstrerende generatie bezighield. 

Op zijn latere albums is Adrian Borland persoonlijker geworden. Zijn beide soloplaten Alexandria en Brittle Heaven gaan over de liefde. Terwijl hij op het ruim twee jaar geleden verschenen Alexandria nog veelvuldig gebruik maakte van een strijkkwartet, klinkt op Brittle Heaven weer veel meer het rockgeluid van The Sound door. Logisch, meent Adrian Borland, Alexandria was een heel bewuste poging om van die groep weg te komen. Het was mijn eerste soloplaat en ik wilde duidelijk maken dat ik iets anders aan het doen was. Nu hoef ik dat niet meer zo nodig. The Sound was toch mijn band. En met deze nieuwe plaat is voor mij ook de energie en de rauwheid van The Sound weer terug." Het heeft volgens hem ook alles te maken met de Nederlandse muzikanten met wie hij de plaat opnam, Wouter Planteijdt, Thijs Vermeulen en Jaap Vrenegoor van Sjako! en de Haarlemse toetsenman Victor Heeremans. „Zij voelden alles heel snel aan," zegt Adrian. „Daardoor klinken de arrangementen voor mij ook heel natuurlijk en spontaan; net als vroeger bij The Sound." Opmerkelijk zijn ook de bijdrage van de zangeres. van de Haarlemse groep Passion Office, Juliette van Dijk. „Dat is één van de weinige groepen die geen andere band copieert," meent Borland. Ze proberen iets nieuws. Hun eigen muziek te maken. Daarom vind ik ze zo goed. 

Alexandria was een sprankelende blije plaat. De liedjes waren nog hoopvol en ademen de sfeer van een ontluikende liefde Brittle Heaven is donkerder, melancholieker. En hoewel het album opent met een paar uitbundige liefdesliedjes, hangt er ook rond die songs een zweem van wanhoop.„Ja, dat kan kloppen. Maar het schrijven en opnemen van de songs gebeurt nu eenmaal niet op hetzelfde moment. En toen ik Brittle Heaven opnam was die liefde achter de rug en voelde ik mij heel depressief. Ik werd weer even met iets uit het verleden geconfronteerd. Het klinkt misschien pessimistisch, maar Brittle Heaven is het resultaat van het optimisme van Alexandria." De teloorgang en verwerking van een liefde, daar gaat Brittle Heaven over. Het begint nog zo mooi. Haar aanwezigheid als de 'broze hemel'. Dan volgt de verwijdering, de teleurstelling, de woede, om uiteindelijk in Ashes en Tidal Wave Goodbye bij de verzoening met het verlies uit te komen. „De stemmingen volgen elkaar logisch op. Aan het eind raap je jezelf bij elkaar en gaat weer verder, in de hoop er iets van geleerd te hebben. Ik ben zo aan deze plaat gehecht omdat het over een echte situatie gaat.

PETER BRUYN (Haarlems Dagblad 22-4-1992)

<< previous page